header

Submit to FacebookSubmit to Google PlusSubmit to Twitter

Beiden bijzonder vervelende gedragsproblemen, maar helaas betreft het gedrag dat voor de kat behoort tot de normale communicatiemiddelen en soms dus lastig op te lossen is.

Om na te gaan hoe het door ons ongewenste gedrag om te buigen, moeten we eerst weten wat sproeien en onzindelijkheid is. Bij het normaal urineren gaat de kat zitten, de staart wordt opzij gehouden en de plasstraal is naar beneden gericht.

Als baasjes en medebewoners vinden we het altijd bijzonder prettig als dit op de kattenbak gebeurt.

Een kat is “onzindelijk” als hij/zij normaal urineert (zie boven) op een plek waar wij dat eigenlijk liever niet hebben, zoals de plantenbak, de bank, de deurmat of zelfs het aanrecht. Bij sproeien is de houding totaal anders: de kat blijft staan, de staart is omhoog en de urine sproeit recht achteruit: m.a.w. een horizontale straal tegen een verticaal oppervlak. Niet alleen katers, maar ook poezen kunnen sproeien!!!

 

Sproeien

Een kat laat graag aan andere katten weten dat dit zijn of haar huis, tuin, schuurtje, etc is.

Alles moet met zijn/haar geur bedekt zijn. Hiervoor heeft de kat verscheidene geurklieren, o.a. in de mondhoeken, de slaapstreek en onder de voetzolen. Door met die klieren tegen bijv. de tafel aan te wrijven laat de kat die tafel lekker naar “thuis” ruiken. Hetzelfde gebeurt bij het krabben aan boom, bankstel of kattenkrabpaal. Als wij het huis binnen komen krijgen we vaak kopjes van onze kat: dit is niet alleen omdat ze ons zo aardig vindt, maar ook om de vieze buitengeuren die wij mee naar binnen brengen weg te werken, zodat we weer bij “thuis” horen.

 

Sproeien is ook zo’n communicatiemiddel via geur: hiermee kan een kat aan andere katten doorgeven wie heeft gesproeid, wannéér werd gesproeid, in welke gemoedstoestand dit gebeurde, en in welke reproductieve status hij/zij zich bevond. Voor in het wild levende kattenkolonies betekent dit dat de supermacho kater aan de andere mannetjes laat zien dat hij als enige bij zijn vrouwenkolonies mag. De echte nerds laten zich hierdoor afschrikken, maar de matige macho’s gaan het gevecht aan: zij willen immers ook wel topkat zijn en zoveel vrouwelijk schoon onder hun hoede nemen. Voor onze huiskatten is sproeien ook de manier om aan de buurtkatten te laten weten dat dit hún tuin is: territorium afbakening. Maar als katten uit hetzelfde huishouden in competitie zijn over wiens huis het nu eigenlijk is, kan sproeien ook binnenshuis gebeuren. Nog niet helemaal bewezen, maar wel logisch en aannemelijk is dat meerdere katten in hetzelfde huishouden stress en frustratie geeft (denk aan het geruzie van kinderen over welke tv-zender op mag) en dus meer risico op sproeien.

 

Tot slot blijkt dat bij 1 op de 5 sproeiende katten er ook medische problemen een rol spelen, zoals blaas- en urinewegontsteking. Omdat een kat door sproeien wil zeggen “vanaf hier is het van mij” gebeurt sproeien meestal op plaatsen waar we het huis binnen komen (de deur) of tegen de binnenkant van de buitenmuren/ramen. Ook voorwerpen die van buiten komen (het nieuwe bankstel) of binnen/buiten genomen worden (zoals de handtas of boodschappentas) kunnen   voorkeursplaatsen zijn.

 

Oplossingen bij sproeien

1) Eerst nagaan of er geen medisch oorzaak is.

2) Stress verminderen

 

*Katten zijn gewoontedieren. Ze hebben graag altijd hetzelfde eet- en drinkbakje, hetzelfde mandje/dekentje, dezelfde kattenbak, etc. Nieuwe dingen zoals een bankstel, een nieuwe vriend, de pasgeboren baby brengt een verandering van omgeving en dus stress met zich mee. Geef ze de tijd om hieraan te wennen en aai ze nog meer dan anders! Ze willen persé weten dat ze niet op de tweede plaats komen.

 

*Delen met andere katten is ook stress. Indien conflicten zich uiten in sproeien, geef dan elke kat zijn eigen dekentje, speeltje, eet- en drinkbakje en plaats die liefst in verschillende kamers. Ongestoord eten is net zo belangrijk als ongestoord plassen en poepen.

 

*AANDACHT, AANDACHT EN ZEER VEEL KNUFFELEN, en vooral niet boos zijn als de kat sproeit. Immers hij of zij voelt zich al onzeker van zijn plaats in het gezin, daarom sproeit hij immers. Door hem te straffen wordt dit alleen maar erger.

 

*SPELEN. Hierbij geeft u niet alleen aandacht aan uw kat, maar hij kan op die manier ook zijn   energie kwijt, en zijn frustraties afreageren op de speelmuis.

 

3) De sproeiplek schoonmaken Voor tips hierover zie bij onzindelijkheid, met dit verschil dat de sproeiplek níet gebarricadeerd wordt.

 

4) Een wattenbolletje wrijven tegen de geurklieren van de kat (slaapstreek en mondhoek) en dit met tape op de sproeiplek plakken, nádat die goed is schoongemaakt. Door op die plek te sproeien schrijft de kat eigenlijk zijn naam op die plek. Met goed schoonmaken halen we die naam weg, maar door nu de eigen geur van de kat er via een wattenbolletje weer op te plakken zal hij minder geneigd zijn er nog eens overheen te “schrijven

 

5) Feromonen (Feliway) Dit zijn communicatiestoffen die o.a. door de moederpoes uitgescheiden worden om aan haar kittens een veilig nestgevoel te geven. Alle katten blijven daar levenslang ontvankelijk voor. Feliway bevat een synthetisch nagemaakte versie van dit natuurlijke feromoon. Het zijn dus geen tranquilizers! Ze geven alleen een signaal van “hier is het goed”. Het enige nadeel van feliway is dat het een kopie is van het echt door katten uitgescheiden feromoon; en niet elke kat laat zich door een kopie geruststellen. De meeste andere katten gelukkig wel. Feliway bestaat in de vorm van een verdamper (voor in het stopcontact) en in de vorm van een spray. De verdamper werkt in de hele kamer, de spray bijvoorbeeld speciaal op de sproeiplek.

 

6) Houdt andere katten uit uw tuin en vooral huis Dit is zeer belangrijk als het sproeigedrag voortkomt uit territoriaal conflictgedrag met de buurkatten. Als deze uw tuin proberen te claimen, kan dit sproeigedrag bij uw kat uitlokken. Immers uw kat zal terugschreeuwen dat dit niet hun tuin, maar zijn tuin is. Komen de buurkatten zelfs via het kattenluik naar binnen dan is het zeker zaak bij de dierenwinkel een speciaal kattenluik met een magnetisch slot te kopen. Hiermee kan alleen úw kat naar binnen.

 

7) Castreren van katers Om macho-territoriaal gedrag te vermijden worden katers gecastreerd. Dit kan het beste gedaan worden als de kater 6 maanden oud is, maar in ieder geval direct na de eerste keer sproeien. De puberteit induceert namelijk het territoriaal sproeien, maar eenmaal aangeleerd, kan het een gewoonte blijven (net zoals wij blijven nagelbijten, ook al is de stresssituatie al lang voorbij) en kan castreren op latere leeftijd misschien niet meer helpen.

Toch werkt castreren niet in alle gevallen. Ca 10% van de gecastreerde katers en ca 5% van de gesteriliseerde poezen sproeit nog steeds ondanks de ingreep. Een echte aanraden om te lezen:www.vet.osu.edu/2346.htm

 

Onzindelijkheid

Zoals gezegd is een kat “onzindelijk” als hij/zij op een normale manier plast (zie boven), maar dit op een plek anders dan de kattenbak doet. In de natuur plassen en poepen katten niet op dezelfde plaats: ze plassen op de ene en poepen op de andere plaats. Binnenshuis leren we onze kat juist op één plek te poepen én te plassen, en wel op de kattenbak. Bij de meeste katten gaat dit prima, maar sommigen hebben toch echt graag 2 kattenbakken voor zichzelf. Als er dan ook nog meerdere katten in hetzelfde huis rondlopen is het zeker noodzaak 2 of meer kattenbakken te hebben. Een tweede punt is dat katten gewoontedieren zijn, ze hebben graag dat alles in hun omgeving hetzelfde blijft, dus ook het soort kattenbakvulling. Een ander merk kopen omdat we toevallig in een andere winkel zijn is dus níet handig. Daarbij komt ook nog dat sommige katten een eigen voorkeur hebben voor een bepaald soort of merk vulling. Katten zijn ook extreem schone dieren; ze hebben hygiëne hoog in het vaandel. Een vieze kattenbak kan ertoe leiden dat de kat een ander –schoon- plekje uitzoekt. Om dezelfde reden willen ze ook niet plassen of poepen kort bij de plek waar hun eten of drinken staat. Logisch, wij nuttigen ook geen broodje kaas op de wc. Daarbuiten hebben katten een uitzonderlijk goed reukvermogen. En wat doen wij? Wij kopen een kattenbak met een deksels erop zodat er geen vervelende geuren in de kamer hangen. Het niet regelmatig schoonmaken van de kattenbak kan al gauw voor een sterke urinelucht in de bak zorgen, zodat de kat er zelf van walgt.

Tot slot is RUST een zéér zéér belangrijke factor. Ze gaan graag ongestoord op de bak hun behoefte doen, d.w.z. dat ze dat graag afgescheiden van hun medebewoners doen (mens én dier!). Plaats een kattenbak dus niet op een looproute (dus niet onder de keukentafel) en zodanig dat de kat uit het zicht van de andere katten op de bak kan. Veel eigenaren geloven het niet, maar vaak pest de ene kat de andere uit de bak, soms door een mep tegen de bak te geven, maar bij erg bange katten zelfs louter door aanwezig te zijn in dezelfde kamer. Ook kan het zijn dat er de kat ooit geschrokken is van iets terwijl hij op de kattenbak zat en nu niet meer op de bak durft omdat hij de bak associeert met die enge gebeurtenis.

Oplossingen bij onzindelijkheid

 1) Eerst nagaan of er geen medisch oorzaak is. Sommige katten plassen juíst naast de bak als ze een blaasontsteking hebben of last hebben van blaasgruis. Ze willen op die manier aan hun baasje vertellen dat ze pijn hebben. Eerst een plasje opvangen dus en dit langsbrengen bij de dierenarts. Verwijder hiervoor alle grit uit de kattenbak, maak hem goed schoon (geen enkele dierenarts wil kattenbakgrit onder de microscoop onderzoeken) en vul de bak met snipsels geknipt uit een plastic draagtas. Bij de dierenarts zijn ook speciale plastic kattenbakkorrels te krijgen, puur voor het gemak. Pas als een medisch probleem uitgesloten is heeft de volgende aanpak zin.

 

2) Kattenbakkeuze experiment: laat de kat kiezen tussen verschillende soorten kattenbakvulling en verschillende kattenbakken: grit – houtkrullen – plastic korrels – potgrond (buitenkatten!) .

Liefst een kattenbak zonder deksel en met een lage instap. Sommige nieuwere kattenbakken hebben een hard plastic voormat met ribbeltjes om de korreltjes op te vangen als de kat weer naar buiten komt.

Helaas schrikken sommige katten van het geluid van de stuiterende korrels op de hard plastic bodem. Niet doen dus. Beter is het om een zachte placemat of stoffen doek ervoor te leggen als u er iets voor wilt hebben.

 

3) De juiste plek voor de kattenbak vinden het moet een rustige, liefst afgezonderde plek zijn, ver verwijderd van de eet- en drinkbakjes en uit het zicht.

Een bange kat moet stiekem kunnen gaan plassen, uit het zicht van u en van de andere katten.

 

4) Eventueel een tweede of zelfs derde kattenbak erbij

 

5) Dagelijks verwijderen van urine en poep en 1x per week de gehele kattenbakvulling verwijderen en vernieuwen.

 

6) De onzindelijke plasplaatsen schoonmaken Alle geur moet van de plek verwijderd worden! De plek dus goed schoonmaken met een NEUTRAAL RUIKEND SCHOONMAAKMIDDEL en zeker geen chloor, ammoniak of ammoniakhoudende middelen (die nodigen alleen maar meer uit tot urineren op die plek). Daarna de plek gedurende enkele weken fysiek barricaderen met aluminiumfolie of zelfs een doos of een paar boeken. De bedoeling hiervan is dat de kat “vergeet” dat ze die plek als plasplek heeft gebruikt. Immers uit het zicht is soms ook uit het hart. Speciaal voor tapijt: hier kunt u best de urine eerst zoveel mogelijk opdeppen met keukenpapier; daarna de plek begieten met een sopje van water en een NEUTRAAL RUIKEND afwasmiddel; dit laten weken en zeker niet schrobben, want dat duwt de geur juist de diepte in; vervolgens de plek schoonspoelen en alles weer opdeppen met keukenpapier; daarna de plek overgieten met bruiswater (bijv spa rood), 10 min laten intrekken en weer opdeppen. Tot slot op de “droge” plek een handdoek leggen met daarop iets zwaars en dit een nacht laten staan. Dit zal hopelijk de laatste restjes urinegeur uit het tapijt halen.

 

Tip voor houten vloeren: na het schoonmaken de plek insmeren met een sopje van water met natuurazijn.

 

Tip voor wasbare dingen: kleedjes of zelfs kleren: eerst een wasprogramma draaien met een kop natuurazijn i.p.v. wasmiddel, en vervolgens het normale programma met normaal wasmiddel.

Nog meer tips kunt u vinden op internet op www.vet.osu.edu/2345.htm

 

7) het belonen van de kat als hij/zij wel op de kattenbak gaat, bijvoorbeeld door het geven van een lekkernij